ECLI:NL:CRVB:2008:BC2881
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering en ontvankelijkheid bezwaar tegen besluit
Betrokkene ontving bijstand als alleenstaande. Op 23 september 2005 werd het recht op bijstand opgeschort wegens niet verschijnen bij een afspraak. Bij brief van 7 oktober 2005 werd betrokkene geïnformeerd dat de bijstand met ingang van 23 september 2005 werd ingetrokken. Betrokkene maakte bezwaar bij brief van 21 december 2005 tegen deze intrekking.
Appellant verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaar was gericht tegen een brief van 18 november 2005 die slechts informatief was en geen rechtsgevolg had. De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat de brief van 18 november 2005 als besluit moest worden gezien, waardoor het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank en volgt appellant in het oordeel dat het besluit tot intrekking reeds in de brief van 7 oktober 2005 is genomen. De brief van 18 november 2005 is slechts informatief en roept geen nieuwe rechtsgevolgen in het leven. Het bezwaar was te laat ingediend en betrokkene had redelijkerwijs moeten weten dat hij bezwaar moest maken tegen het intrekkingsbesluit van 7 oktober 2005. Het beroep tegen het besluit van 31 januari 2006 wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 31 januari 2006 wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar te laat is ingediend tegen het juiste intrekkingsbesluit van 7 oktober 2005.