ECLI:NL:CRVB:2008:BD8637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- K. Zeilemaker
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Peildatum langdurigheidstoeslag bij Wet werk en bijstand
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder en vroeg op 26 januari 2006 een langdurigheidstoeslag aan. Het College kende deze toe met ingang van 24 januari 2005 tot 24 januari 2006, maar stelde de peildatum voor de toeslag op 26 januari 2006. De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond en bepaalde dat de toeslag met ingang van 1 januari 2006 moest worden toegekend.
In hoger beroep betoogde appellante dat zij recht had op de toeslag vanaf 24 januari 2005 en dat dit recht niet verviel door een late aanvraag. Het College stelde dat de toeslag slechts eenmaal per jaar kan worden toegekend en niet kan worden opgespaard.
De Raad oordeelde dat de peildatum de datum is waarop de ononderbroken periode van 60 maanden wordt bereikt, hier 24 januari 2005, en dat het College het besluit van 11 juli 2006 om de peildatum op 26 januari 2006 te stellen, moest vernietigen. De Raad vernietigde het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en kende de toeslag toe met ingang van 24 januari 2005 en 24 januari 2006. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten.
Uitkomst: De langdurigheidstoeslag wordt met terugwerkende kracht toegekend vanaf 24 januari 2005.