ECLI:NL:CRVB:2008:BG7026
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K. Zeilemaker
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Herroeping strafontslag en gevolgen werkweigering ambtenaar
Appellante was bij besluit van 14 februari 2003 onvoorwaardelijk strafontslag opgelegd. Dit ontslag werd door de minister op 4 februari 2005 herroepen, waarna appellante werd opgedragen haar werkzaamheden te hervatten. Appellante maakte kenbaar dit vanwege haar dienstverband bij een andere werkgever niet onmiddellijk te kunnen doen en gaf de voorkeur aan voortzetting van dat dienstverband. Na het uitblijven van een duidelijke keuze werd haar op 15 april 2005 opnieuw onvoorwaardelijk ontslag opgelegd wegens werkweigering.
De rechtbank en de Raad verklaarden het beroep tegen het hernieuwde ontslag ongegrond. De Raad oordeelde dat de minister terecht de periode van salarisnabetaling beperkte tot 4 februari 2005, omdat vanaf 25 februari 2005 sprake was van werkweigering. De Raad verwierp de vordering tot vergoeding van immateriële schade, maar kende wel wettelijke rente toe over de nabetalingen.
De minister werd veroordeeld tot het betalen van proceskosten aan appellante en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De Raad droeg de minister op een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt herroepen, werkweigering leidt tot beperking van salarisbetaling, immateriële schade wordt afgewezen, maar wettelijke rente en proceskosten worden toegekend.