ECLI:NL:CRVB:2009:BH1047
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- T. Hoogenboom
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Weigering WAO-uitkering wegens verschillende ziekteoorzaken niet onrechtmatig
Appellant was sinds 1984 arbeidsongeschikt en ontving vanaf 1985 tot 1995 een WAO-uitkering. Na intrekking van deze uitkering in 1995 meldde appellant zich in 2000 opnieuw ziek. Het UWV weigerde een nieuwe WAO-uitkering toe te kennen omdat de toegenomen arbeidsongeschiktheid volgens medisch onderzoek voortkwam uit een andere oorzaak dan de eerdere uitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de arbeidsongeschiktheid per 1 september 2000 volledig terug te voeren was op diabetes mellitus, terwijl dit in de periode 1985-1995 niet het geval was. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn beperkingen in beide perioden mede door diabetes mellitus werden veroorzaakt, maar de Raad wees dit af wegens gebrek aan objectieve medische onderbouwing.
De Raad benadrukte dat volgens artikel 43a van de WAO de toegenomen arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na intrekking van de uitkering uit dezelfde oorzaak moet voortkomen. De medische stukken toonden aan dat de eerdere uitkering niet gebaseerd was op diabetes, en appellant bracht geen nieuwe medische gegevens aan. Ook werd geen schending van de redelijke termijn vastgesteld.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het verzoek om immateriële schadevergoeding af. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van de WAO-uitkering bevestigd.