ECLI:NL:CRVB:2009:BH2270
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Individuele afstemming bij woonkostentoeslag en bijstandsverlening aan alleenstaande ouder met meerwaardehypotheek
Appellante, een alleenstaande ouder met twee kinderen, diende een aanvraag in voor bijstand na afloop van haar WW-uitkering. Het College Zuidhorn wees de aanvraag af vanwege een vermogen van ruim € 93.000, wat de vermogengrens overschreed. Na bezwaar kende het College een beperkte bijstand toe, rekening houdend met een maandelijkse inkomensaanvulling van € 655 uit een beleggingsfonds en alimentatie.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond, omdat het College het bedrag van € 655 als inkomen had meegeteld. Appellante stelde in hoger beroep dat dit bedrag geen inkomen was, maar uitsluitend bestemd voor hypotheekrente. De Raad oordeelde echter dat het bedrag als inkomen moet worden beschouwd, omdat het periodiek wordt uitgekeerd en vrijelijk kan worden besteed.
De Raad stelde vast dat het College had moeten onderzoeken of individuele afstemming van de bijstand mogelijk was, gezien de hoge maandelijkse hypotheekrente van € 1.124,13, die hoger was dan de bijstandsnorm. Het College had het woonkostentoeslagbeleid moeten toepassen, waarbij eigenaren met hoge woonlasten tijdelijk bijstand kunnen ontvangen onder voorwaarden.
De Raad vernietigde het besluit van het College en bepaalde dat het College een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd het College veroordeeld in de proceskosten en werd de voorlopige voorziening verlengd tot zes weken na het nieuwe besluit.
Uitkomst: Het besluit van het College Zuidhorn wordt vernietigd en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met individuele afstemming van de bijstand.