ECLI:NL:CRVB:2009:BI9283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.C.F. Talman
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting zelfstandige werkzaamheden
Appellanten ontvingen bijstand volgens de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van informatie over werkzaamheden van appellant als zelfstandige op de Zwarte Markt te Beverwijk heeft de Sociale Dienst Amsterdam een onderzoek ingesteld. Het College trok de bijstand in over de periode van 25 februari 2005 tot 8 november 2005 en vorderde de kosten van bijstand terug over de periode van 25 februari 2002 tot 8 november 2005 wegens het niet melden van zelfstandige werkzaamheden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep verklaarde de Raad het hoger beroep van appellante niet-ontvankelijk omdat zij geen beroep bij de rechtbank had ingesteld. Het hoger beroep van appellant werd inhoudelijk behandeld. De Raad stelde vast dat appellant gedurende de meeste weekenden een stand op de Beverwijkse Bazaar had en inkomsten genereerde zonder dit te melden, waarmee hij de inlichtingenverplichting schond.
De Raad oordeelde dat door deze schending het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het College was bevoegd de bijstand in te trekken en de kosten terug te vorderen. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep van appellant werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep van appellant is ongegrond; de intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd.