ECLI:NL:CRVB:2009:BK4235
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht over spaarrekening en erfenis
Appellant ontving bijstand tot februari 2005, maar het College trok deze in vanwege het niet verstrekken van volledige informatie over een spaarrekening en een erfenis. Ondanks herhaalde verzoeken leverde appellant onvoldoende bewijs over de mutaties van de spaarrekening en de waarde van geërfde goederen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad oordeelt dat appellant de wettelijke inlichtingenplicht heeft geschonden, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld.
Het College was bevoegd de bijstand in te trekken en de kosten terug te vorderen. De hoofdelijk aansprakelijkheid van ex-echtgenoten is van toepassing en er zijn geen bijzondere omstandigheden die afwijking rechtvaardigen.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt het besluit van het College. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de bijstandsuitkering en de terugvordering wegens schending van de inlichtingenplicht.