ECLI:NL:CRVB:2010:BL7308
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bijzondere bijstand en terugvordering wegens strijd met WWB
Appellant zat van juli 2004 tot augustus 2006 in detentie en ontving daarna algemene bijstand. Hij vroeg bijzondere bijstand aan voor woninginrichting, die het College deels toekende als geldlening. Het College vorderde later een deel van de bijstand terug wegens vermeend verwijtbaar gedrag en onjuiste besteding.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het College onterecht artikel 35, eerste lid, WWB toepaste voor verlaging wegens verwijtbaar gedrag, terwijl artikel 18, tweede lid, WWB daarvoor de formele grondslag is. Ook bood artikel 58 WWB Pro geen ruimte voor terugvordering van nog niet gemaakte kosten.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en beval het College een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellant en bepaalde vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het besluit van het College wordt vernietigd en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.