ECLI:NL:CRVB:2010:BL8044
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- R. Kooper
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens vervallen procesbelang bij intrekking bijstandsuitkering
Appellante ontving sinds 2000 bijstand en werd in 2006 door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Westland de bijstand ingetrokken wegens het niet naleven van verplichtingen zoals inschrijving bij het CWI en medewerking aan medisch onderzoek. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en vernietigde het intrekkingsbesluit, waarna het College besloot de bijstand voort te zetten en een schadevergoeding toe te kennen.
In hoger beroep betoogde appellante tegen de uitspraak van de rechtbank, maar de Centrale Raad van Beroep stelde ambtshalve vast dat appellante reeds het maximaal haalbare resultaat had bereikt met het nieuwe besluit van het College. Daarnaast was het eerdere besluit inzake verplichtingen onaantastbaar geworden en was er geen sprake van nieuwe maatregelen.
De Raad concludeerde dat appellante geen voldoende procesbelang meer had voor een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep. Ook wees de Raad het verzoek om een aanvullende schadevergoeding af wegens onvoldoende aanknopingspunten. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om proceskostenveroordeling afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vervallen procesbelang en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.