ECLI:NL:CRVB:2010:BM6217
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezit en gebruik auto leidt tot intrekking bijstand wegens overschrijding vermogensgrens
Appellante ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Na onderzoek door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel bleek dat appellante feitelijk de beschikking had over een auto met een waarde die haar vrij te laten vermogen overschreed. Het College trok daarom de bijstand in en vorderde kosten terug.
Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat de auto eigendom was van haar zoon en dat zij deze slechts ten behoeve van hem gebruikte. De Raad oordeelde echter dat appellante feitelijk de beschikkingsmacht over de auto had, mede gelet op de aanschaf, verzekering en het eigen gebruik. De stelling dat de zoon de auto financierde en de kosten droeg werd niet aannemelijk geacht.
De Raad bevestigde het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden dat het beroep ongegrond was. Er werd geen aanleiding gezien voor vergoeding van proceskosten. De intrekking van de bijstand en terugvordering van € 1.421,45 bleven in stand.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand en terugvordering van kosten wegens feitelijke beschikkingsmacht over de auto worden bevestigd.