ECLI:NL:CRVB:2010:BO6128
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- H. Bolt
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Wajong-uitkering bij verhuizing naar Curaçao niet onbillijk
Betrokkene ontvangt sinds 2007 een Wajong-uitkering en wil met zijn ouders naar Curaçao verhuizen, omdat zijn vader daar een baan heeft aanvaard. Het UWV beëindigde de uitkering met ingang van de maand volgend op vertrek uit Nederland. De rechtbank Breda oordeelde dat er sprake was van een zwaarwegende reden voor de verhuizing, omdat de vader verplicht was de baan aan te nemen vanwege zijn werkloosheid, en verklaarde het beroep van betrokkene gegrond.
De Centrale Raad van Beroep stelde in hoger beroep vast dat de vader niet verplicht was om de functie op Curaçao te aanvaarden en dat de verhuizing daarom een eigen keuze was. De Raad oordeelde dat de omstandigheden niet voldeden aan de criteria van zwaarwegende redenen zoals bedoeld in het Besluit beleidsregels voortzetting Wajong-uitkering buiten Nederland.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep tegen het besluit van het UWV ongegrond. Hiermee blijft de beëindiging van de Wajong-uitkering in stand omdat het vertrek naar Curaçao geen onbillijkheid van overwegende aard oplevert volgens artikel 17, zevende lid, van de Wajong.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beëindiging van de Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.