ECLI:NL:CRVB:2010:BO7442
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens onjuiste woonopgave niet gerechtvaardigd
Appellant ontving sinds 1996 bijstand en kreeg toestemming om tijdelijk met behoud van uitkering naar het buitenland te gaan. Na twijfel over zijn woon- en leefsituatie voerde het College een onderzoek uit, leidend tot intrekking van de bijstand vanaf 22 april 2007 wegens onjuiste woonopgave.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep stelde in hoger beroep vast dat appellant zijn hoofdverblijf niet had opgegeven ondanks verblijf elders door een noodsituatie. Hoewel appellant de inlichtingenplicht schond door niet tijdig wijzigingen te melden, kon het recht op bijstand worden vastgesteld.
De Raad vernietigde het besluit van het College en herroept de intrekking van de bijstand. Het verzoek tot vergoeding van wettelijke rente werd afgewezen omdat het College de bijstand over de betwiste periode had uitbetaald en geen terugvordering had ingesteld. Tevens werd het College veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstand wordt vernietigd en herroepen; appellant behoudt recht op bijstand.