ECLI:NL:CRVB:2011:BP7934
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening kinderbijslaguitspraak wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 3 maart 1999, waarin de toekenning van kinderbijslag over perioden vóór 1 januari 1991 was geweigerd. De Raad heeft in het bestreden vonnis bevestigd dat de Sociale Verzekeringsbank terecht de aanvraag heeft afgewezen, omdat geen sprake was van een bijzonder geval zoals bedoeld in de toen geldende Algemene Kinderbijslagwet.
Verzoeker stelde dat hij na zijn definitieve terugkeer naar Marokko recht bleef houden op kinderbijslag voor vier van zijn kinderen over de periode 1978 tot 1991. De Raad overwoog dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de juistheid van de uitspraak, maar slechts kan worden toegepast indien nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd die bij de eerdere uitspraak niet bekend waren en die tot een andere beslissing hadden kunnen leiden.
Nu verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangedragen, is het verzoek om herziening afgewezen. De Raad wees tevens op eerdere jurisprudentie waarin werd bevestigd dat herhaalde verzoeken om herziening van dezelfde uitspraak zonder nieuwe feiten zinloos zijn. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak over kinderbijslag wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.