ECLI:NL:CRVB:2011:BU1903
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J.J.T. van den Corput
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging Ziektewetuitkering wegens herstel en toekenning schadevergoeding
Appellante was ziek gemeld en ontving een Ziektewetuitkering die door het UWV werd beëindigd omdat zij als hersteld werd beschouwd. Na bezwaar en beroep werd het besluit door de rechtbank en de Raad bevestigd, waarbij werd vastgesteld dat appellante geschikt was voor ten minste één van de in het kader van de Wet WIA geduide functies.
Appellante voerde aan dat haar beperkingen onvoldoende waren meegewogen en dat de overschrijding van de redelijke termijn haar schade berokkende. De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig en volledig was en dat de nieuwe medische informatie onvoldoende was om het oordeel te wijzigen.
De Raad stelde vast dat de totale procedure meer dan vier jaar duurde, wat de redelijke termijn overschreed. De overschrijding werd geheel aan het UWV toegerekend, waarna de Raad het besluit vernietigde, de rechtsgevolgen in stand liet en het UWV veroordeelde tot een schadevergoeding van € 1000,- en vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot een schadevergoeding van € 1000,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.