ECLI:NL:CRVB:2012:BV7730
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Veroordeling Staat tot schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuursrechtelijke procedure
Betrokkene stelde een verzoek om schadevergoeding in wegens overschrijding van de redelijke termijn in de bestuursrechtelijke procedure over een uitkeringsbesluit van het UWV. De procedure duurde in totaal ruim zes jaar en negen maanden, waarbij de rechterlijke fase meer dan vijf jaar en vier maanden besloeg.
De Raad stelde vast dat de overschrijding van de redelijke termijn zich beperkte tot het rechterlijke aandeel en dat de behandeling van het geding door de rechter eindigde met de uitspraak van de Raad van 2 augustus 2011. De Raad achtte een verlenging van de behandelingsduur in hoger beroep gerechtvaardigd vanwege een periode van bijna negen maanden waarin prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de EU waren gesteld en later ingetrokken.
De Raad veroordeelde de Staat tot een schadevergoeding van €2.000,- wegens immateriële schade en tot vergoeding van de proceskosten van €218,50. De beslissing bevestigt de vaste jurisprudentie dat de redelijke termijn wordt gemeten tot de uitspraak van de rechter en dat verlenging gerechtvaardigd kan zijn door omstandigheden buiten de invloedssfeer van de rechter.
Uitkomst: De Staat is veroordeeld tot betaling van €2.000,- schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.