ECLI:NL:CRVB:2012:BV9270
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor behoud woning en uitkering aan kwetsbare moeder en kind
Verzoekers, een moeder en haar minderjarige kind, wonen in een huurwoning en ontvangen een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college heeft hun uitkering ingetrokken vanwege het ontbreken van een geldige verblijfsvergunning. Verzoekers hebben bezwaar gemaakt en beroep ingesteld tegen deze besluiten en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om dakloosheid te voorkomen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoekers een spoedeisend belang hebben omdat zij anders hun woning verliezen. Gelet op de kwetsbaarheid van het kind en de moeder, die medische complicaties bij haar zwangerschap heeft en een voorgeschiedenis van PTSS, is sprake van een ernstig risico voor hun fysieke en psychische integriteit bij het ontbreken van financiële ondersteuning.
Op grond van artikel 8 EVRM Pro, dat het recht op respect voor privé- en gezinsleven beschermt, is het college gehouden een positieve voorziening te treffen. De voorzieningenrechter acht de vrouwenopvang niet geschikt en wijst de voorlopige voorziening toe. Het college wordt veroordeeld maandelijks €700 beschikbaar te stellen, waarvan €404,31 rechtstreeks aan de verhuurder wordt betaald. Tevens worden de proceskosten en griffierecht aan verzoekers vergoed.
Uitkomst: Het college wordt verplicht maandelijks €700 beschikbaar te stellen voor behoud van woning en uitkering aan verzoekers.