ECLI:NL:CRVB:2012:BX2118
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onrechtmatige besteding WWB-gelden ondanks hersteloperatie
Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Oss, werd geconfronteerd met een terugvordering van €411.028 door de staatssecretaris wegens onrechtmatige besteding van WWB-gelden over 2007. Deloitte Accountants B.V. had onzekerheid geconstateerd over de rechtmatigheid van deze uitgaven, omdat geen relatie kon worden gelegd tussen uitgaven en deelnemers aan re-integratieactiviteiten.
Appellant voerde aan dat hersteloperaties in 2008 en 2009 de onzekerheid hadden opgeheven en dat het bedrag niet onrechtmatig was besteed. Daarnaast stelde appellant dat het horen in strijd was met artikel 7:5 Awb Pro en dat de terugvordering onevenredig was. Ook werd een beroep gedaan op het gelijkheidsbeginsel, verwijzend naar een andere gemeente.
De Raad oordeelde dat het horen niet in strijd was met de Awb omdat de behandelend ambtenaar niet als zodanig heeft gehoord. De hersteloperaties konden de terugvordering niet voorkomen omdat het kasstelsel vereist dat rechtmatigheid uiterlijk 15 juli van het volgende jaar wordt aangetoond. Onzekerheid die de rapporteringstolerantiegrens overschrijdt, leidt tot onrechtmatigheid en terugvordering. De Raad zag geen bijzondere omstandigheden die de staatssecretaris zouden verplichten af te zien van terugvordering. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situatie van appellant niet vergelijkbaar was met die van de gemeente Utrecht.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van €411.028 wordt bevestigd.