ECLI:NL:CRVB:2012:BY3160
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- A.B.J. van der Ham
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandelingstelling aanvraag bijstandsuitkering wegens niet tijdig aanleveren bankafschriften
Appellant diende op 20 april 2011 een aanvraag bijstand in bij de gemeente Roermond. Het college stelde de aanvraag op 16 juni 2011 buiten behandeling omdat appellant niet binnen de gestelde hersteltermijn de gevraagde bankafschriften over de periode 19 april tot 7 juni 2011 had overgelegd. Appellant voerde aan dat hij alle relevante informatie tijdig had verstrekt en dat het college op basis daarvan een inhoudelijk besluit had moeten nemen.
De Raad oordeelt dat het college terecht op grond van artikel 4:5 Awb Pro de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld. De gevraagde bankafschriften waren noodzakelijk voor een goede beoordeling en appellant kon, gezien zijn gebruik van internetbankieren, redelijkerwijs over deze gegevens beschikken en deze tijdig aanleveren. Het feit dat appellant eerder bijstand ontving van een andere gemeente doet hieraan niet af.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de uitspraak van de rechtbank Roermond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 november 2012 door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de buiten behandelingstelling van de aanvraag bijstand bevestigd.