ECLI:NL:CRVB:2012:BY5667
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten eigen risico zorgverzekering
Appellante, die sinds 2004 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van het eigen risico van haar zorgverzekering. Het college van burgemeester en wethouders van Groningen wees deze aanvraag af, waarna ook het bezwaar ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat zij vanwege een langdurig verblijf in een inrichting niet in staat was de kosten van het eigen risico te voldoen, omdat zij slechts bijstand voor zak- en kleedgeld ontving. De Raad overwoog dat de kosten van het verplicht eigen risico onder de algemene noodzakelijke kosten vallen die uit de bijstandsnorm moeten worden voldaan, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen.
De Raad verwees naar eerdere jurisprudentie waarin werd vastgesteld dat het eigen risico een algemene maatregel is die voor alle zorgverzekerden geldt. De specifieke situatie van appellante, waaronder haar verblijf in een inrichting, rechtvaardigt geen bijzondere bijstand. De wetgever heeft bovendien een regeling getroffen voor verzekerden met langdurige onvermijdbare zorgkosten. Gelet hierop werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van het eigen risico wordt afgewezen en het hoger beroep ongegrond verklaard.