ECLI:NL:CRVB:2013:2034
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid college en redelijke termijn bij bezwaar en beroep WWB
Appellant diende op 22 januari 2010 een bezwaarschrift in tegen het uitblijven van een besluit op zijn aanvraag van 28 januari 2009 voor passende vervangende woonruimte met subsidiëring. Het college zond dit bezwaar door aan de rechtbank om als beroep te behandelen en nam op 4 februari 2010 alsnog een afwijzend besluit. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig betalen van griffierecht.
Appellant stelde dat het college niet bevoegd was het bezwaar door te zenden en dat het college alsnog een positieve beslissing moest nemen. Tevens vorderde hij schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Centrale Raad oordeelde dat het college terecht het bezwaar doorzond en dat op grond van het overgangsrecht bezwaar tegen het uitblijven van een besluit na 1 oktober 2009 niet meer mogelijk is.
De Raad stelde dat de redelijke termijn aanvangt bij het indienen van het bezwaar op 22 januari 2010 en dat er geen overschrijding is. Het hoger beroep faalt en de eerdere uitspraak wordt bevestigd. Het verzoek tot vergoeding van schade en proceskosten wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd; geen schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn.