ECLI:NL:CRVB:2013:2477
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- W.F. Claessens
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingen- en medewerkingsverplichting
Appellant ontving bijstand sinds 1997 en stond ingeschreven op een adres te Sittard. Naar aanleiding van anonieme fraudemeldingen uit 2002 en 2007 startte de gemeente een onderzoek, waarbij bleek dat het water- en energieverbruik op het opgegeven adres extreem laag was. Ondanks verzoeken weigerde appellant toestemming voor een huisbezoek.
Het college besloot de bijstand met terugwerkende kracht vanaf oktober 2006 in te trekken en de kosten terug te vorderen. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en ook in hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij op het opgegeven adres woonde.
De Raad acht het lage verbruik niet verenigbaar met het door appellant geschetste leefpatroon en wijst verklaringen van buurtbewoners en een getuige af als onvoldoende betrouwbaar. Het verzoek om een deskundige te benoemen werd terecht afgewezen. Het college heeft het rechtmatig onderzoek verricht en het besluit is zorgvuldig genomen.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand en terugvordering worden bevestigd wegens schending van de inlichtingen- en medewerkingsverplichting en het niet woonachtig zijn op het opgegeven adres.