ECLI:NL:CRVB:2013:2700
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- H.C.P. Venema
- R.E. Bakker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verkorte wachttijd WIA-uitkering bij duurzame arbeidsongeschiktheid
Werknemer, werkzaam als hoofd positioners/orthodontisch technicus, viel uit wegens diverse lichamelijke klachten en verzocht om een WIA-uitkering met verkorte wachttijd. Het UWV weigerde deze, stellende dat geen sprake was van een volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid waarbij verbetering van belastbaarheid volledig is uitgesloten.
Appellante betoogde dat het UWV en de rechtbank een te streng criterium hanteerden en dat, gezien de ernstige medische problematiek en de lange duur daarvan, een relevante verbetering van de belastbaarheid niet te verwachten was. De rechtbank oordeelde echter dat het wettelijk kader beperkt is tot een medisch stabiele of verslechterende situatie en dat de verzekeringsartsen terecht hadden geoordeeld dat herstel niet volledig is uitgesloten.
De Raad bevestigde dit oordeel en benadrukte dat de beoordeling van de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid tot de specifieke deskundigheid van de verzekeringsartsen behoort. De beschikbare medische gegevens, waaronder rapporten van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts, gaven geen aanleiding het standpunt van het UWV te verwerpen. Ook het feit dat werknemer na de reguliere wachttijd wel een IVA-uitkering ontving, leidde niet tot een ander oordeel omdat het beoordelingsmoment en de grondslag verschillen.
Het hoger beroep van appellante werd ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Geen recht op verkorte wachttijd WIA-uitkering wegens niet volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid.