ECLI:NL:CRVB:2013:999
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking werkleeraanbod en inkomensvoorziening op grond van WIJ
Appellant ontving sinds maart 2010 een inkomensvoorziening op grond van de Wet investeren in jongeren (WIJ). Het college deed hem een werkleeraanbod voor een re-integratietraject, waarop appellant niet verscheen bij meerdere afspraken. Hierdoor werd een maatregel van 30% korting op de uitkering toegepast en uiteindelijk het werkleeraanbod en de inkomensvoorziening ingetrokken met terugvordering van kosten.
Appellant voerde aan dat de rechtbank ten onrechte de WIJ had toegepast in plaats van de Wet werk en bijstand (WWB), en dat het college onzorgvuldig had gehandeld bij intrekking en terugvordering. De Raad oordeelde dat de WIJ van toepassing bleef voor besluiten genomen vóór de inwerkingtreding van de wijzigingswet WWB en WIJ, en dat het college bevoegd was tot intrekking en terugvordering wegens verwijtbaar verzuim van appellant.
Ook het beleid van het college om het terugvorderingsbedrag te bruteren met loonbelasting en premies werd niet onredelijk bevonden. De Raad bevestigde de uitspraken van de rechtbank en wees de beroepen van appellant af, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van het werkleeraanbod en inkomensvoorziening en de terugvordering van kosten wegens verwijtbaar handelen van appellant.