ECLI:NL:CRVB:2014:3725
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bijzondere bijstand voor reiskosten woningbezichtigingen bij kansrijke positie
Appellant heeft bijzondere bijstand gevraagd voor de kosten van woningbezichtigingen in 2012 en 2013. Het college kende bijstand toe onder de voorwaarde dat appellant een kansrijke positie (minimaal 1 op 3) had en dat hij de gemaakte kosten kon onderbouwen met declaraties en uitnodigingsbrieven of andere schriftelijke bewijsstukken.
De rechtbank vernietigde besluiten van het college omdat het college de bezwaarprocedure onjuist had gesplitst en omdat het college niet bevoegd was extra voorwaarden te stellen voor de onderbouwing van de kosten. De rechtbank bepaalde dat appellant zelf mocht bepalen op welke wijze hij de kosten aannemelijk maakte, mits met schriftelijke en verifieerbare informatie.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat de voorwaarden van het college en de uitspraak van de rechtbank niet zodanig beperkend zijn dat appellant niet in staat is de kosten aannemelijk te maken. De Raad stelt dat een kansrijke positie van ten minste 1 op 3 noodzakelijk is voor vergoeding en dat het college de bezoekfrequentie mag maximeren. De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de aangevallen uitspraken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraken van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.