ECLI:NL:CRVB:2014:959
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herroeping verlaging bijstand en oplegging schriftelijke waarschuwing door college Stein
Appellante vroeg bijstand aan met ingang van 1 oktober 2010, maar diende de aanvraag pas op 28 juni 2011 in. Het college verleende bijstand met ingang van 25 mei 2011, maar verlaagde deze met 5% gedurende een maand wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat zij recht had op bijstand vanaf 1 oktober 2010, omdat zij toen een aanvraag had ingediend die buiten behandeling was gesteld. De Raad oordeelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat bijzondere omstandigheden een terugwerkende kracht rechtvaardigen en verwierp dit deel van het beroep.
Het college gaf tijdens de zitting aan dat de verlaging niet gehandhaafd wordt en dat een schriftelijke waarschuwing passend is. Appellante stemde hiermee in. De Raad vernietigde het besluit voor zover het de maatregel betrof, herroept het eerdere besluit en legt een schriftelijke waarschuwing op.
Daarnaast veroordeelde de Raad het college in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het griffierecht wordt vergoed. De uitspraak vervangt het vernietigde gedeelte van het besluit van 8 februari 2012.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand wordt vernietigd en vervangen door een schriftelijke waarschuwing; het college wordt veroordeeld in de proceskosten.