ECLI:NL:CRVB:2014:996
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-melding internethandel en schending inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen sinds 2002 bijstand en werden onderzocht na vermoedens van handel op marktplaats.nl. Het onderzoek toonde aan dat appellante onder meerdere gebruikersnamen duizenden advertenties plaatste en goederen inkocht en verkocht, zonder dit aan het college te melden.
Het college trok de bijstand met terugwerkende kracht in vanaf september 2006 en vorderde ruim €86.000 terug wegens schending van de inlichtingenverplichting. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat appellanten onvoldoende aannemelijk maakten dat zij recht hadden op bijstand, mede door het ontbreken van een deugdelijke administratie. Ook was er geen sprake van dringende redenen om terugvordering achterwege te laten. De terugvordering heeft een reparatoir karakter en leidt niet tot een uitzichtloze situatie.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-melding van internethandel en schending van de inlichtingenverplichting.