ECLI:NL:CRVB:2015:1620
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- C.H. Rombouts
- M. ter Brugge
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor inrichting nieuwe woning wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant, die sinds 2010 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de inrichting van een nieuwe woning die hij had geaccepteerd om zijn dochter in het weekend te laten logeren en om zijn gezin uit Sri Lanka te kunnen huisvesten. Het college wees de aanvraag af omdat appellant al zes jaar in een kleinere woning woonde en de kosten voor verhuizing en inrichting had kunnen voorzien en reserveren.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de kosten zich wel voordoen en noodzakelijk zijn, maar niet voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Appellant had sinds 2006 kunnen reserveren en de langdurigheidstoeslag gebruiken. Het feit dat hij zijn gezin in Sri Lanka onderhoudt, kan niet als bijzondere omstandigheid gelden.
De Raad bevestigde dat de kosten van woninginrichting tot de algemene noodzakelijke kosten behoren en dat bijstand alleen mogelijk is bij bijzondere omstandigheden. Appellant kon de kosten voldoen via reservering, gespreide betaling of lening, maar had dit niet aannemelijk gemaakt. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand voor de inrichting van de nieuwe woning wordt afgewezen wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.