ECLI:NL:CRVB:2015:1800
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekkingsbesluit bijstand wegens onvoldoende bewijs gezamenlijke huishouding
Appellante ontving sinds 2009 bijstand en stond ingeschreven op een ander adres dan appellant. Na een anonieme melding startte het college een onderzoek naar gezamenlijke huishouding, leidend tot intrekking en terugvordering van bijstand over meerdere periodes.
De rechtbank vernietigde het intrekkingsbesluit wegens schending van de hoorplicht, maar handhaafde de rechtsgevolgen. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het college onvoldoende bewijs heeft geleverd dat appellante haar hoofdverblijf had op het adres van appellant in de periode van gezamenlijke huishouding.
De Raad vernietigt het besluit over deze periode en herroept de terugvordering, terwijl de intrekking over de andere periodes wel standhoudt. Het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen. Tevens worden proceskosten aan appellanten toegekend.
Uitkomst: Het intrekkingsbesluit bijstand over de periode van gezamenlijke huishouding wordt vernietigd en de medeterugvordering aan appellant herroepen.