ECLI:NL:CRVB:2015:1841
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling duurzaamheid arbeidsongeschiktheid voor IVA-uitkering afgewezen
Appellant vorderde een IVA-uitkering op grond van de Wet WIA, stellende dat hij duurzaam volledig arbeidsongeschikt was per 25 januari 2013. Het UWV kende hem een loongerelateerde WGA-uitkering toe wegens 100% arbeidsongeschiktheid, maar wees de IVA-uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor duurzame arbeidsongeschiktheid op de datum in geding.
In hoger beroep stelde appellant dat hij wel degelijk duurzaam arbeidsongeschikt was, onderbouwd met een brief van psychiater De Weme uit 2014. De Raad overwoog dat de beoordeling van duurzaamheid moet plaatsvinden op basis van de medische situatie en prognose op de datum in geding, waarbij een redelijke kans op herstel op dat moment bepalend is.
De Raad concludeerde dat het UWV en de verzekeringsarts terecht hadden vastgesteld dat appellant op 25 januari 2013 niet duurzaam arbeidsongeschikt was. De latere medische bevindingen uit 2014 konden het oordeel over de situatie op de datum in geding niet wijzigen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de IVA-uitkering bevestigd.