ECLI:NL:CRVB:2015:4116
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens ontbreken ingezetenschap op 17e verjaardag
Appellante vroeg een Wajong-uitkering aan op grond van beperkingen in haar functioneren vanaf 12 juli 2004. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) weigerde de uitkering omdat zij op haar 17e verjaardag, 12 juli 2004, niet in Nederland woonde. Appellante stelde dat zij al voor haar 17e verjaardag een procedure tot toelating in Nederland was gestart en dat daardoor een duurzame, persoonlijke band met Nederland bestond.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat ingezetenschap in de zin van de Wet Wajong betekent dat iemand in Nederland woont, waarbij de omstandigheden bepalend zijn voor het bestaan van een duurzame persoonlijke band met Nederland. De Raad concludeerde dat de band van appellante met Nederland vóór haar 17e verjaardag slechts bestond uit een lopende procedure voor asielverlening, wat geen duurzame persoonlijke band vormt.
Daarom werd bevestigd dat appellante op haar 17e verjaardag niet als ingezetene kon worden aangemerkt en zij geen recht heeft op een Wajong-uitkering. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bekrachtigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens het ontbreken van ingezetenschap op de 17e verjaardag van appellante.