ECLI:NL:CRVB:2016:1728
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid ontslag en re-integratie-inspanningen ambtenaar provincie Noord-Holland
Betrokkene, werkzaam bij de provincie Noord-Holland, werd ontslagen wegens ongeschiktheid tot het verrichten van haar arbeid vanwege ziekte. Na een langdurige periode van arbeidsongeschiktheid en re-integratiepogingen werd haar WAO-uitkering herzien en volgde ontslag op grond van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies.
De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen het ontslagbesluit ongegrond en verwierp de klachten over een onjuist samengesteld dossier en onvoldoende re-integratie-inspanningen. Wel oordeelde de rechtbank dat het college nog een primair besluit moest nemen over de vermeende toegenomen arbeidsongeschiktheid van betrokkene.
In hoger beroep herhaalde betrokkene haar bezwaren, waaronder twijfel over de ondertekening van het advies van de bezwarencommissie en kritiek op de re-integratie-inspanningen. De Raad oordeelde dat het dossier rechtmatig tot stand was gekomen, het advies van de bezwarencommissie betrouwbaar was, en dat het college voldoende inspanningen had verricht binnen de wettelijke kaders. Het incidenteel hoger beroep van het college tegen de rechtbankoverweging over het vermeende ontbrekende besluit werd gegrond verklaard omdat het college hierover reeds een besluit had genomen. Het hoger beroep van betrokkene werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van betrokkene wordt afgewezen en het incidenteel hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard.