ECLI:NL:CRVB:2016:2786
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-gemelde inkomsten
Appellant ontving bijstand van november 2005 tot september 2008. Naar aanleiding van een strafrechtelijk onderzoek verrichtte de sociale recherche een onderzoek naar de rechtmatigheid van de bijstand. Op basis van dit onderzoek trok het dagelijks bestuur de bijstand in over bepaalde perioden en vorderde de kosten terug wegens niet-gemelde inkomsten uit verkoop van aloëvera producten, autohandel en handel in verdovende middelen.
Appellant betwistte het besluit en stelde dat hij niet aan de afgelegde verklaring gehouden kon worden vanwege psychische belemmeringen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat de verklaring tegenover de sociale recherche in beginsel juist is en dat de psychische klachten van appellant niet leiden tot het niet kunnen afleggen van een betrouwbare verklaring. De verklaring wordt ondersteund door eerdere politieverklaringen en een strafrechtelijk vonnis. Het bestreden besluit heeft daarmee een voldoende grondslag en het hoger beroep wordt verworpen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.