Uitspraak
15.2083 WWB, 15/2084 WWB, 16/4114 WWB
OVERWEGINGEN
.
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand en had tussen juni 2011 en juni 2013 meerdere stortingen en betalingen van internetgoksites op zijn bankrekeningen, die niet zijn gemeld aan het bestuur. Het bestuur herzag en trok de bijstand deels in en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenverplichting.
Appellant voerde aan dat de gokinkomsten niet als inkomen moesten worden aangemerkt vanwege het onregelmatige karakter en zijn gokverslaving, en dat sommige stortingen leningen waren. De Raad oordeelde dat de bedragen als inkomen moeten worden beschouwd, ongeacht de besteding, en dat appellant vrij kon beschikken over de gelden. Leningen worden volgens vaste rechtspraak ook als inkomen gezien.
De Raad bevestigde de herziening en terugvordering van de bijstand en oordeelde dat het bestuur gehouden was dit te doen. De boete werd verminderd tot 25% van het benadelingsbedrag vanwege verminderde verwijtbaarheid door de gokverslaving. Het beroep tegen deze boete werd ongegrond verklaard. Het bestuur werd veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Herziening en terugvordering bijstand bevestigd, boete verminderd tot 25% van benadelingsbedrag wegens verminderde verwijtbaarheid.