ECLI:NL:CRVB:2016:4434
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige opschorting en intrekking van bijstand wegens niet-naleving arbeidsintegratieverplichtingen
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Hoogeveen zette een trajectplan in gericht op arbeidsactivering en arbeidstoeleiding. Appellant voldeed niet aan meerdere oproepen voor gesprekken en het verstrekken van medische gegevens, waarop het college de bijstand opschortte en later introk.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het niet voldoen aan de verplichting tot medewerking aan een onderzoek naar arbeidsinschakeling niet kan leiden tot het intrekken van het recht op bijstand. Het huisbezoek en verzoeken om medische gegevens waren uitsluitend gericht op het arbeidsinschakelingstraject.
De Raad vernietigde het besluit van het college en herstelde het recht op bijstand van appellant vanaf 20 november 2013. Tevens veroordeelde de Raad het college tot vergoeding van proceskosten en renteschade wegens niet-tijdige betaling van de bijstand.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit tot opschorting en intrekking van bijstand wordt vernietigd en het recht op bijstand blijft behouden.