ECLI:NL:CRVB:2008:BE2717
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit opschorting bijstand wegens niet-nakoming arbeidsinschakelingsplicht
Appellante ontvangt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en is verplicht deel te nemen aan een traject gericht op arbeidsinschakeling. Zij verscheen niet op een uitnodiging voor een gesprek om de voortgang van dit traject te bespreken, waarop het College besloot haar bijstand op te schorten. Dit besluit werd door de rechtbank bevestigd.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het College niet bevoegd was tot opschorting van de bijstand omdat het verzuim van appellante plaatsvond binnen het kader van arbeidsinschakeling en niet onder de opschortingsgrond van artikel 54 WWB Pro valt. Wel is sprake van een maatregelwaardige gedraging die een verlaging van de bijstand rechtvaardigt volgens artikel 18 WWB Pro in verbinding met de verordening.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en beveelt het College een nieuw besluit op bezwaar te nemen waarbij een verlaging van de bijstand wordt toegepast. De gemeente Almere moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het besluit tot opschorting van bijstand wordt vernietigd en het College moet een nieuw besluit nemen waarbij een verlaging van de bijstand wordt toegepast.