ECLI:NL:CRVB:2016:5010
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.L.H.W.I. Korte
- A. Stehouwer
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
College niet bevoegd tot intrekking en terugvordering bijstand wegens onverschuldigde betaling
Appellante, met de Sierraleoonse nationaliteit, had rechtmatig verblijf tot 29 april 2010, waarna zij geen recht meer had op bijstand volgens de Wet werk en bijstand (WWB). Het college beëindigde de bijstand per 1 mei 2012 en vorderde terugbetaling over de periode 6 februari tot 31 maart 2012 wegens vermeende schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders. De Raad stelde vast dat appellante niet verplicht was de uitspraak van 6 februari 2012 te melden, omdat die de verblijfsstatus niet wijzigde. Het college was al op de hoogte van het niet-rechtmatig verblijf sinds 29 april 2010.
Het college bleef echter willens en wetens bijstand uitkeren ondanks het ontbreken van recht op bijstand, wat een bewuste onverschuldigde betaling is. Hierdoor kan het college geen beroep doen op terugvordering zonder strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. De Raad vernietigde het bestreden besluit en herroept de intrekking en terugvordering over de betreffende periode.
Uitkomst: Het college is niet bevoegd tot intrekking en terugvordering van bijstand over de periode 6 februari tot en met 31 maart 2012 en het besluit wordt herroepen.