ECLI:NL:CRVB:2010:BN5014
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.N.A. Bootsma
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens autohandel
Appellanten ontvingen bijstand en werden onderzocht vanwege vermoedens van autohandel en bezit van meerdere kentekens. De gemeente herzag de bijstand over de periode 1996-2005 en besloot tot terugvordering van €22.564,07 wegens niet gemelde transactiemaanden.
De rechtbank wees het beroep van appellanten af, waarna zij in hoger beroep stelden dat er geen sprake was van schending van de inlichtingenplicht, dat het om een hobby ging en dat er een toezegging was dat geen intrekking zou volgen. Ook voerden zij aan dat de terugvordering onredelijk was vanwege de lange duur van het onderzoek en beriepen zich op de zesmaandenjurisprudentie.
De Raad oordeelde dat het bezit van kentekens de veronderstelling rechtvaardigt dat sprake is van vermogen en dat appellanten onvoldoende aannemelijk maakten dat het tegendeel waar is. Er was geen ondubbelzinnige toezegging en geen bijzondere omstandigheden om af te zien van intrekking of terugvordering. De zesmaandenjurisprudentie was niet van toepassing vanwege het niet verstrekken van relevante informatie.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de herziening en terugvordering van bijstand bevestigd.