ECLI:NL:CRVB:2017:2156
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bijzondere bijstand voor bh's, schoenen en witgoedregeling
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen besluiten van het dagelijks bestuur van Werkplein Drentsche Aa inzake bijzondere bijstand. Het dagelijks bestuur kende bijzondere bijstand toe voor de kosten van twee bh's, maar wees de aanvraag voor reiskosten, schoenen en een vervangend apparaat op grond van de Witgoedregeling af. Ook de aanvraag voor langdurigheidstoeslag werd afgewezen.
De Raad oordeelde dat het dagelijks bestuur terecht forfaitaire richtprijzen van het NIBUD hanteerde voor de bh's en dat appellante onvoldoende aannemelijk maakte dat de toegekende vergoeding ontoereikend was. Ook werd geoordeeld dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij voor de aanschaf van bh's was aangewezen op een speciaal merk of een winkel buiten haar woonplaats, waardoor de reiskosten niet als noodzakelijke bijzondere kosten konden worden erkend.
Verder werd de aanvraag voor schoenen afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en een draagkrachtberekening waarbij woonlasten en ziektekosten reeds in eerdere jurisprudentie waren betrokken. De aanvraag voor een vervangend apparaat en langdurigheidstoeslag werd eveneens afgewezen vanwege het hogere inkomen van appellante. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere besluiten worden bevestigd.