ECLI:NL:CRVB:2017:249
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening toeslag en afwijzing langdurigheidstoeslag wegens niet afgeloste terugvordering
Appellante ontving bijstand met een toeslag van 20% voor alleenstaanden. Haar zoon startte in september 2013 een HBO-opleiding en ontving studiefinanciering en daarnaast inkomsten uit arbeid die het normbedrag overschreden. Het college verlaagde daarop de toeslag naar 10% en vorderde teveel betaalde bijstand terug.
De rechtbank vernietigde de verlaging voor enkele maanden waarin het inkomen van de zoon niet boven het normbedrag uitkwam, maar verklaarde het bezwaar tegen de afwijzing van de langdurigheidstoeslag ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat de toeslag onterecht was verlaagd en dat zij geen inkomen boven bijstandsniveau had genoten omdat zij de terugvordering moest aflossen.
De Raad oordeelde dat de toeslag terecht was verlaagd omdat het inkomen van de zoon in diverse maanden boven het normbedrag lag, en dat appellante haar inlichtingenverplichting had geschonden door het niet melden van de inkomsten uit arbeid van haar zoon. Verder werd vastgesteld dat de terugvordering nog niet volledig was afgelost, waardoor zij geen recht had op langdurigheidstoeslag. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de toeslag en wijst het hoger beroep af.