ECLI:NL:CRVB:2017:2726
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde kasstortingen
Appellant ontvangt sinds 2012 bijstand en heeft in de periode van 9 april 2014 tot en met 10 maart 2015 kasstortingen van €4.320,- ontvangen die niet zijn gemeld aan het college. Het college heeft de bijstand herzien en de gemaakte kosten teruggevorderd op grond van de Participatiewet.
Appellant stelde dat de kasstortingen renteloze leningen van familie en kennissen betroffen die direct werden gebruikt om schulden af te lossen, en dat hij niet vrij over het geld kon beschikken. De Raad overwoog dat kasstortingen in beginsel als middelen worden aangemerkt en dat leningen niet zijn uitgezonderd van het middelenbegrip. Periodieke betalingen van derden worden als inkomen gezien, ongeacht terugbetalingsverplichtingen.
De Raad verwierp het beroep op het evenredigheidsbeginsel en het beroep op dringende redenen om van terugvordering af te zien, omdat de omstandigheden niet uitzonderlijk zijn. De aangevallen uitspraken van de rechtbank worden bevestigd en de terugvordering blijft in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van bijstand wegens niet gemelde kasstortingen en wijst het hoger beroep af.