Uitspraak
OVERWEGINGEN
15 maart 2013. Appellante heeft dus ook in deze periode niet voldaan aan de verplichting de voor dat jaar voorgeschoten bedragen te gebruiken voor betaling van AWBZ‑zorg. Gelet op deze omstandigheid was het Zorgkantoor op grond van het bepaalde in artikel 2.6.12, tweede lid, aanhef en onder a, van de Rsa bevoegd het voor het jaar 2013 verleende pgb in te trekken. De Raad ziet aanleiding het motiveringsgebrek als beschreven onder 4.4.3 met toepassing van artikel 6:22 van Pro de Awb te passeren, nu aannemelijk is dat appellante door het gebrek in de motivering van het bestreden besluit 1 niet is benadeeld.
€ 1.237,50 wegens verleende rechtsbijstand, dus € 412,50 in de onderhavige zaak.
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraken;
- veroordeelt het Zorgkantoor in de proceskosten van appellante tot een bedrag van € 412,50;
- bepaalt dat het Zorgkantoor aan appellante het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 167,- vergoedt.