Uitspraak
OVERWEGINGEN
26 januari 2015 gehandhaafd. Daaraan ligt – samengevat – het volgende standpunt ten grondslag. De aanvraag is beoordeeld volgens de criteria van de Wajong 2010. Omdat betrokkene zijn aanvraag heeft ingediend na 10 september 2014 komt hij alleen in aanmerking voor een Wajong-uitkering als hij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is. Gelet op de rapporten van de verzekeringsartsen is van die situatie geen sprake.
Op grond van het tweede lid is artikel 2:39 niet Pro van toepassing op de jonggehandicapte die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is.
15 april 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1408. Uit die rechtspraak komt naar voren dat, wanneer bij verandering van wetgeving geen specifieke voorschriften van overgangsrecht zijn gegeven, de aanspraken en verplichtingen van een verzekerde ten materiële moeten worden beoordeeld naar de regelgeving zoals die van kracht was op de datum of gedurende het tijdvak waarop de aanspraken of verplichtingen betrekking hebben. Vastgesteld wordt dat de Wajong 2015 geen regels van overgangsrecht bevat voor een situatie zoals hier aan de orde, te weten dat de aanvraag is gedaan vóór 1 januari 2015 en het besluit op die aanvraag is genomen na
1 januari 2015. Ook in de geschiedenis van totstandkoming van dit onderdeel van de Invoeringswet Participatiewet wordt niet gesproken over overgangsrecht.
1 december 2014 zijn aanvraag deed. De vroegst mogelijke datum waarop de aanspraak op grond van de Wajong voor betrokkene kan ontstaan is dus 1 december 2014.
1 januari 2015.
6 december 2013 is de citeertitel: Invoeringswet Participatiewet) de wetgever met de Wajong 2015 beoogd heeft de toegang tot de Wajong 2015 te beperken tot jonggehandicapten die duurzaam niet over arbeidsvermogen beschikken. Hoofdstuk 1A van de Wajong 2015 regelt dat een Wajong-uitkering alleen kan worden toegekend aan mensen die duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben. In de Wajong 2010 is geen nieuwe instroom meer mogelijk. Mensen die wel arbeidsmogelijkheden hebben of die kunnen ontwikkelen, komen in de Wet werken naar vermogen en vallen onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten (Kamerstukken II, 2011/12, 33 161, nr. 3, blz. 34 e.v., Hoofdstuk 5 Wajong).
1 januari 2015.