ECLI:NL:CRVB:2017:392
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanwijzing herplaatsingskandidaat en tijdelijke werkzaamheden bij boventalligheid Kadaster
Appellante was sinds 2007 werkzaam bij het Kadaster en kreeg met terugwerkende kracht een aanstelling voor onbepaalde tijd vanaf 15 maart 2010. Vanaf 1 januari 2014 ontstond boventalligheid in haar functie doordat er geen formatieruimte meer was binnen haar afdeling. De raad van bestuur wees appellante aan als herplaatsingskandidaat, waarbij zij afzag van overleg met sociale partners, omdat sinds 2010 alleen het anciënniteitsbeginsel of het afspiegelingsbeginsel werd gehanteerd.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat het besluit tot aanwijzing gebreken vertoonde vanwege het ontbreken van overleg en onvoldoende inzicht in de boventalligheidsvolgorde. Na aanvullende motivering door de raad van bestuur stelde de rechtbank het besluit alsnog in stand. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat de aanwijzing op juiste gronden is gebaseerd en dat de raad van bestuur voldoende zakelijk en objectief heeft gehandeld.
Daarnaast oordeelt de Raad dat het tijdelijk opdragen van andere werkzaamheden in het kader van het project digitale facturatie redelijk was en binnen de beoordelingsvrijheid van het bestuursorgaan valt. Het hoger beroep tegen deze tijdelijke werkzaamheden wordt eveneens afgewezen. De Raad wijst proceskosten af en bevestigt alle bestreden uitspraken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aanwijzing van appellante als herplaatsingskandidaat en oordeelt dat het tijdelijk opdragen van andere werkzaamheden redelijk was.