ECLI:NL:CRVB:2017:4400
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.H. Bel
- J.T.H. Zimmerman
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en boete wegens niet-woonachtig zijn op opgegeven adres
Appellante ontving bijstand sinds 2009 en was ingeschreven op een uitkeringsadres sinds augustus 2011. Naar aanleiding van een anonieme melding startte de gemeente Den Haag een onderzoek naar haar woonplaats, waarbij onder meer water- en energieverbruik werden geanalyseerd en getuigen werden gehoord. Het college concludeerde dat appellante niet op het opgegeven adres woonde en trok de bijstand met terugwerkende kracht in, vorderde de kosten terug en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking en terugvordering ongegrond, maar matigde de boete aanzienlijk. Appellante ging in hoger beroep tegen beide uitspraken. De Raad oordeelde dat het extreem lage water- en energieverbruik en de verklaringen van buurtbewoners aannemelijk maakten dat appellante niet op het uitkeringsadres woonde. Appellante slaagde er niet in dit te weerleggen met verifieerbare gegevens.
De Raad bevestigde dat het college terecht de bijstand introk en de kosten terugvorderde. Ook de boete werd bevestigd, waarbij rekening werd gehouden met normale verwijtbaarheid en de draagkracht van appellante. De boete werd vastgesteld op € 1.170. Het hoger beroep werd daarmee ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; intrekking bijstand, terugvordering en boete van € 1.170 bevestigd.