Uitspraak
17.808 PW
OVERWEGINGEN
Gemeenschappelijke ruimte?
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontvangt bijstand en verhuurt een kamer aan zijn nicht H, waarbij de huurprijs betwist wordt in het kader van de kostendelersnorm uit de Participatiewet. Het college verlaagde de bijstand omdat H als kosten delende medebewoner werd aangemerkt zonder dat sprake was van commerciële verhuur. Appellant stelde dat de huurprijs commercieel was, gebaseerd op een puntensysteem voor onzelfstandige woonruimte.
De rechtbank oordeelde dat er geen commerciële huurrelatie was, mede omdat H de keuken gebruikte en de huurprijs sinds 2009 niet was geïndexeerd. In hoger beroep stelde appellant dat per 1 juli 2015 een nieuwe huurovereenkomst gold waarin H geen gebruik maakte van de keuken en dat de huurprijs conform het puntensysteem was vastgesteld.
De Raad stelde vast dat de huurovereenkomst per 1 juli 2015 leidend is en dat H geen gebruik maakt van de keuken vanwege haar bijzondere situatie. Het puntenaantal van 74, berekend door appellant, is juist en correspondeert met een maximale huurprijs van €150,51. Daarmee is sprake van een commerciële huurprijs en is de kostendelersnorm niet van toepassing. Het besluit van het college wordt vernietigd, de bijstand wordt hersteld en het college wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en kosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot toepassing van de kostendelersnorm wordt vernietigd, waardoor de bijstand van appellant wordt hersteld.