ECLI:NL:CRVB:2018:166
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.N.A. Bootsma
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bezwaar en beroep tegen ambtelijke aanstelling en vrijstelling werkzaamheden bij Regio Rivierenland
Appellant was tijdelijk aangesteld bij de Regio Rivierenland en maakte bezwaar tegen zijn aanstelling en de daaropvolgende besluiten, waaronder een vrijstelling van werkzaamheden en een dwangsom wegens niet tijdig beslissen. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten niet-ontvankelijk en stelde een dwangsom vast wegens overschrijding van de beslistermijn.
In hoger beroep betoogde appellant dat het bestuur niet bevoegd was om op zijn bezwaar te beslissen en dat de besluiten onrechtmatig waren. De Raad volgde appellant niet en oordeelde dat het bestuur wel bevoegd was en dat het besluit over de dwangsom geen beslissing op het bezwaar inhield. Tevens ontbrak het appellant aan procesbelang bij zijn beroepen tegen de vrijstelling en het bezwaarbesluit, mede omdat de tijdelijke aanstelling inmiddels was geëindigd en schade niet aannemelijk was gemaakt.
De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd wegens gebrek aan procesbelang en juiste bevoegdheid van het bestuur.