ECLI:NL:CRVB:2018:3025
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herroeping besluit UWV wegens onjuiste beoordeling belastbaarheid schouder bij arbeidsongeschiktheid
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de beoordeling van de belastbaarheid van appellant's rechter- en linkerschouder centraal, specifiek met betrekking tot de beoordelingsaspecten reiken en frequent reiken tijdens het werk in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 22 januari 2015.
Na een eerdere tussenuitspraak waarin het UWV werd opgedragen het verschil in belastbaarheid tussen de schouders inzichtelijk te maken en overschrijdingen van de belastbaarheid in geselecteerde functies te motiveren, heeft het UWV dit niet op juiste wijze hersteld. De verzekeringsarts en arbeidsdeskundige hebben de beperkingen onjuist geïnterpreteerd en gemotiveerd, met name door de maximale reikafstand en frequentie verkeerd weer te geven en functies onterecht geschikt te achten.
De Raad oordeelde dat de functie machinebediende inpak-/verpakkingsmachine ongeschikt is vanwege overschrijding van de belastbaarheid en dat de overige functies onvoldoende basis bieden voor een arbeidsongeschiktheidsbeoordeling. Het hoger beroep van appellant werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het besluit van 12 februari 2015 herroepen.
Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt herroepen wegens onjuiste beoordeling en onvoldoende motivering van de belastbaarheid van appellant's rechter- en linkerschouder.