ECLI:NL:CRVB:2018:3875
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen ondanks doofstomheid
Appellant, doofstom geboren en met psychosociale beperkingen door zijn handicap, vroeg een Wajong-uitkering aan. Het UWV wees deze aanvraag af op grond van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek dat concludeerde dat appellant arbeidsvermogen heeft.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De medische rapporten toonden aan dat appellant ondanks zijn beperkingen in staat is taken uit te voeren in een arbeidsorganisatie, zoals orderpicker, en beschikt over basale werknemersvaardigheden.
Appellant bracht geen nieuwe medische informatie in en herhaalde enkel zijn standpunt. De Raad vond de onderzoeken zorgvuldig en onderbouwd, en oordeelde dat appellant ten minste vier uur per dag belastbaar is en aaneengesloten kan werken gedurende ten minste een uur.
De Raad bevestigde dat het UWV terecht de Wajong-uitkering heeft afgewezen omdat appellant arbeidsvermogen bezit, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de Wajong-uitkering omdat appellant arbeidsvermogen bezit.