ECLI:NL:CRVB:2019:1067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.H. Bangma
- H. Lagas
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning psychische klachten als beroepsziekte wegens ontbreken buitensporige werkomstandigheden
Betrokkene, werkzaam als [naam functie] bij de politie, liep tijdens een dienstincident een hoofdwond op door een kopstoot van een arrestant. Na een periode van arbeidsongeschiktheid wegens dit dienstongeval, ontstonden psychische klachten die betrokkene als beroepsziekte wilde laten erkennen. De korpschef wees dit verzoek af, omdat niet was vastgesteld dat sprake was van een werkgerelateerde PTSS of van buitensporige werkomstandigheden.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit van de korpschef, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. De Raad baseert zich op een deskundigenrapport van psychiater Tijssen, die concludeerde dat betrokkene geen PTSS heeft maar een aanpassingsstoornis door bejegening door leidinggevenden.
De Raad benadrukt dat het criterium van buitensporige werkomstandigheden geldt indien geen PTSS is vastgesteld. Het incident met de arrestant en de verwondingen zijn inherent aan de functie en niet objectief buitensporig. Betrokkene heeft onvoldoende onderbouwd dat de werkomstandigheden buitensporig waren. Daarom is het verzoek tot erkenning van de psychische klachten als beroepsziekte terecht afgewezen.
De Raad vernietigt het eerdere vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep tegen het bestreden besluit van de korpschef ongegrond. Ook worden de nadere besluiten van de korpschef vernietigd en het beroep tegen het besluit van 24 augustus 2016 ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om erkenning van psychische klachten als beroepsziekte wordt afgewezen wegens ontbreken van buitensporige werkomstandigheden.