ECLI:NL:CRVB:2011:BU7194
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- H.C.P. Venema
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepsziekte en buitensporigheidsvereiste bij executief politieambtenaar met PTSS
Betrokkene, een executief politieambtenaar werkzaam sinds 1984, is arbeidsongeschikt wegens een werkgerelateerde posttraumatische stress-stoornis (PTSS). Hij verzocht zijn ziekte aan te merken als beroepsincident of beroepsziekte, wat door de korpsbeheerder werd afgewezen. De rechtbank vernietigde deze besluiten wegens onvoldoende motivering omtrent het buitensporigheidsvereiste.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat het buitensporigheidsvereiste inhoudt dat de bijzondere factoren die de arbeidsongeschiktheid veroorzaken objectief buitensporig moeten zijn ten opzichte van het werk en de omstandigheden. Betrokkene voerde aan dat dit criterium onredelijk is voor ambtenaren in gevaarlijke functies, maar de Raad handhaaft de vaste rechtspraak.
De Raad stelt vast dat betrokkene voldoende feiten heeft aangevoerd over incidenten tijdens zijn werkzaamheden, waaronder aanhoudingen waarbij mogelijk HIV-besmetting dreigde en een drugsverslaafde die zijn vingers in de mond stak. Desondanks oordeelt de Raad dat dergelijke incidenten inherent zijn aan de functie en niet objectief buitensporig zijn, mede gelet op het tijdsverloop.
Daarom verklaart de Raad de beroepen ongegrond en vernietigt het besluit van 9 juni 2011 dat ter uitvoering van de eerdere uitspraak was genomen. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De beroepen tegen de besluiten worden ongegrond verklaard en het besluit van 9 juni 2011 wordt vernietigd.